Berichten van ‘onze correspondent’ over de situatie van de rechterlijke macht in Polen begin juli 2018 (1): ‘Het Laatste Oordeel’, oftewel: waar gaat het naartoe met het Poolse Hooggerechtshof?

Gepubliceerd op: 15 augustus 2018 in: Activiteiten, Algemeen, Polen | Comments Off on Berichten van ‘onze correspondent’ over de situatie van de rechterlijke macht in Polen begin juli 2018 (1): ‘Het Laatste Oordeel’, oftewel: waar gaat het naartoe met het Poolse Hooggerechtshof?

(bron: Gazeta Wyborcza)

Opmerking over het opschrift van dit stukje: In het Pools betekent ‘Sąd’ of ‘sąd’ zowel ‘gerecht, rechtbank’ als ‘oordeel’, vandaar dat in de Poolse kritische pers, nu de verwikkelingen rondom het Hooggerechtshof naar een climax gaan, de woordspeling wordt gemaakt van ‘Sąd Ostateczny’ in de dubbele betekenis van ‘het laatste, ultieme, Gerecht’ en ‘het Laatste Oordeel’.

In een recordtempo zijn de afgelopen week in het Poolse parlement door de regeringspartij PiS voor de vijfde keer ingrijpende wijzigingen aangebracht in de wettelijke regeling betreffende de structuur en het functioneren van de rechterlijke macht en het Hooggerechtshof in het bijzonder. Doelstelling: de rechterlijke macht inclusief het Hooggerechtshof definitief ondergeschikt maken aan de uitvoerende macht, lees: het ministerie van Justitie, lees: minister Ziobro. Het gaat nu dus om een soort sluitstuk waarmee (voorlopig?) de laatste hand wordt gelegd aan een operatie die nu al ruim een jaar duurt en waarin het er steeds om gaat de gehele rechterlijke macht, en nu in het bijzonder ook het Hooggerechtshof, een structuur te geven die verzekert dat rechterlijke beslissingen ook op het hoogste niveau het beleid van Kaczynski en de regeringspartij niet meer kunnen dwarsbomen. Overigens beslist dit hof o.a. ook over de geldigheid van verkiezingsuitslagen.

Vrijdag 20 juli werd het enkele dagen eerder ingediende wetsontwerp door de Sejm aangenomen, dinsdag 24 juli door de Senaat, en op donderdag 26 juli werd de wet ondertekend door President Duda. Zij is onmiddellijk in werking getreden. De nieuwe wijzigingen moeten leiden tot snelle en grondige herziening van de samenstelling van het Hooggerechtshof. Naast deze wetswijzigingen zijn er ondersteunende maatregelen. Een kort overzicht:

1. Nu is de Eerste Preses van het Hooggerechtshof, althans volgens haarzelf en alle huidige raadsheren, nog steeds Malgorzata Gersdorf. Ook zij is onlangs door de President met pensioen  gestuurd, hoewel de Grondwet in art. 183 haar een zesjarige ambtstermijn garandeert die pas over drie jaar verstrijkt. (De door Timmermans voorbereide procedure voor het EU-Hof in Luxemburg, zie mijn vorige bericht, betreft vooral dit voortijdig ontslag). De wetswijziging van nu betreft in de eerste plaats de procedure voor de verkiezing van haar opvolger. Deze procedure moest worden herzien om de regeringspartij de mogelijkheid te geven op deze verkiezing  doorslaggevende invloed uit te oefenen.

2. De wetswijziging betreft daarom ook de vervanging van alle andere raadsheren die onlangs de nieuwe verlaagde leeftijdsgrens van 65 jaar hadden bereikt, en door wier vertrek er nu 44 opengevallen plaatsen zijn in het Hooggerechtshof. De opvulling van deze opengevallen plaatsen moet sowieso leiden tot ‘loyalere’ raadsheren, maar op korte termijn gaat het in de eerste plaats om de selectie van geschikte ‘kiesmannen’ voor de binnenkort te starten procedure die moet leiden tot de verkiezing van de opvolger van mevrouw Gersdorf.

3. Die procedure verloopt straks als volgt: de Eerste Preses wordt door de President benoemd uit vijf kandidaten die zijn verkozen door de meerderheid binnen een ‘verkiezingsgremium’ van 80 raadsheren. Deze 80 leden van dit gremium vertegenwoordigen twee-derde van het totaal van 120 raadsheren. Het aantal van 80 is nu verlaagd: voorheen zaten in dit gremium 110 raadsheren van de 120. Deze verlaging van 110 naar 80 is nu doorgevoerd om het daarmee mogelijk te maken dat de 44 nieuw te benoemen raadsheren straks in het verkiezingsgremium gemakkelijk meer dan 40 stemmen, en daarmee dus de meerderheid, kunnen halen om de nieuwe Eerste Preses te kunnen kiezen. Deze wijziging van de procedure moet het waarschijnlijker maken dat de nieuwe preses de persoon is die ook minister Ziobro op het oog had.

4. De nieuwe toekomstige raadsheren op de 44 opengevallen plaatsen moeten daarom in recordtempo worden geselecteerd door de Landelijke Raad voor de Rechtspraak (KRS), waarvan de leden (zoals uiteengezet in een vorig bericht) sinds kort op voordracht van het ministerie van justitie worden benoemd door het parlement (de Sejm), en dus in feite door de meerderheidspartij PiS. Het concours voor dit benoemingscircus is gestart in de afgelopen maand juni. Zodra deze plaatsen allemaal zijn bezet, hebben de door PiS benoemde raadsheren een meerderheid in het bovenbedoelde verkiezingsgremium van 80 raadsheren, waarmee deze meerderheid de vijf kandidaten voor de functie van Eerste Preses kan aanwijzen waaruit de President vervolgens kan kiezen.

5. Omdat kandidaten in hun sollicitatie bij de KRS ‘misbruik’ gingen maken van de wettelijke beroepsmogelijkheid bij het Hoog Administratief Gerechtshof tegen een  afwijzing, teneinde langs die weg de selectieprocedure aanzienlijk te vertragen en aldus de regeringsplannen te dwarsbomen, is deze ‘obstructie’ nu afgesneden door te bepalen dat dit Hof voor de beoordeling van het beroep tegen het besluit van de KRS slechts 14 dagen heeft, en dat dit beroep nu ook niet meer automatisch leidt tot schorsing van de beslissingen van de KRS en de President.

6. Ook zijn de wettelijke normen voor de vervulling van het ambt van raadsheer in het Hooggerechtshof aanzienlijk verruimd: iedere rechter, officier van justitie, advocaat of notaris mag solliciteren, mits hij/zij 40 jaar is en minstens tien jaar beroepservaring heeft. Een groot aantal belangstellenden voor deze goed betaalde functie vergemakkelijkt het selecteren van uitsluitend aan PiS loyale kandidaten.

Ten slotte: De brute en schaamteloze wijze waarop deze cynische gelegenheidswetgeving zich heeft voltrokken binnen de muren van het parlement, is ook in de recente geschiedenis zonder weerga en brak opnieuw records: bekorting van spreektijd voor de oppositie tot 30 seconden, schending van allerlei procedureregels, negeren van alle bezwaren en openlijke beledigingen en scheldpartijen. Betogers buiten werden met geweld aangepakt, er schijnt ook traangas gebruikt te zijn. Het heeft er de schijn van dat het niet alleen ging om de wens om deze politiek zo belangrijke zaken vliegensvlug, nog vóór het zomerreces, erdoor te drukken, maar ook, en vooral, om voordat de in juni door de Europese Commissie bij het Europese Hof tegen Polen aangespannen procedure werkelijk van de grond komt, een aantal voldongen feiten te creëren, zoals een groot aantal loyale nieuwe raadsheren en een definitieve en bevredigende vervanging van Malgorzata Gersdorf. Feiten die straks niet meer teruggedraaid kunnen worden.

Paul Meijknecht
26 juli 2018

Comments are closed.