Suriname: vonnis Krijgsraad 9 juni 2016

Gepubliceerd op: 14 juli 2016 in: Algemeen, Suriname | Nog geen reacties

surinameRechters voor Rechters informeerde u eerder over het voor de Krijgsraad aanhangige 8 decemberstrafproces, zie hier en hier. Tijdens een zitting die plaatvond op 4 maart 2016 heeft de auditeur-militair Roy Elgin gevraagd de schorsing van de vervolging in het 8 december strafproces voor de periode van een jaar te verlengen. De Krijgsraad heeft dit verzoek echter afgewezen. De Krijgsraad heeft artikel 1 van de Amnestiewet, welke wet hangende dit proces werd aangenomen, buiten toepassing gelaten. De Krijgsraad heeft vastgesteld dat de wetswijziging zonder meer kan worden aangemerkt als inmenging in een lopende strafzaak, die in een vergevorderd stadium was. Dit op basis van artikel 137 van de grondwet. Voor zover de rechter in een concreet geval aan hem voorgelegd, toepassing van een bepaling van een wet strijdig oordeelt met één of meer in Hoofdstuk V genoemde grondrechten, verklaart hij die toepassing voor dat geval ongeoorloofd. De Krijgsraad heeft bepaald dat het onderzoek ter terechtzitting zal worden voortgezet in de stand waarin het zich vóór de schorsing bevond, namelijk het requisitoir. Dat requisitoir zou plaatsvinden tijdens een zitting op 30 juni jongstleden. Zo ver is het echter niet gekomen.

Volgens President Bouterse, een van de verdachten in het strafproces, is er door deze uitspraak van de Krijgsraad een constitutionele crisis ontstaan. Ook zou volgens hem de staatsveiligheid met de uitspraak in gevaar zijn gebracht. Op die grond heeft de regering op 29 juni besloten om artikel 148 van de grondwet in werking te stellen, welk artikel luidt:  De Regering bepaalt het algemeen vervolgingsbeleid. In het belang van de staatsveiligheid kan de Regering in concrete gevallen aan de Procureur-Generaal bevelen geven met betrekking tot de vervolging.
Tijdens de zitting op 30 juni heeft Auditeur-militair Roy Elgin de Krijgsraad te kennen gegeven dat de procureur-generaal bij resolutie van de regering de opdracht heeft gegeven om het 8 december strafproces te beëindigen. De Krijgsraad onder leiding van president Cynthia Valstein-Montnor, heeft besloten dat de zitting wordt verdaagd naar 5 augustus aanstaande. Dan zal er antwoord worden gegeven op de vraag van het Openbaar Ministerie om het 8 december strafproces te beëindigen.

In een reactie zegt de een vertegenwoordiger van de International Commission of Jurists (ICJ) tegen de Surinaamse krant Starnieuws dat de organisatie nogmaals het belang van onafhankelijke rechtspraak in Suriname benadrukt. “Zoals wij steeds hebben gesteld moet de Krijgsraad in vrijheid haar beslissingen kunnen nemen. Dit is in het belang van zowel de verdachte als de eisers (nabestaanden). De onafhankelijke rechtspraak, is ook in het algemeen belang van Suriname.”  Zie hier.

Dit standpunt wordt door Rechters voor Rechters onderschreven.

Suriname: unacceptable delays and uncertainty in trial of former President Bouterse and others | CIJL-ICJ

Gepubliceerd op: 22 januari 2013 in: CIJL_ICJ, Suriname | Nog geen reacties

The Centre for the Independence of Judges and Lawyers (CIJL)

The ICJ today expressed its concern at further delays in the trial of President Desiré Delano Bouterse and 24 others, who are accused of the murder of thirteen civilians and two military personnel in 1982.

The ICJ further expressed its dissatisfaction with the continued uncertainty on the applicability of an Amnesty Law that could threaten the status of the trial.

No public statement has been made by the Suriname Military Court since the judges hearing the matter decided to suspend the trial of President Bouterse in May 2012 and leave it to the public prosecutor and an undesignated court to decide whether President Bouterse and the other accused should benefit from the country’s Amnesty Law.

“It is unacceptable that there have been no pronouncements in this case since the last hearing over eight months ago,” said ICJ Secretary-General Wilder Tayler. “Justice has been denied for more than three decades and it is in everyone’s interests, both the accused and the families of the victims, that this trial should proceed without further delay”.

President Bouterse had been accused of having been present on 8 December 1982 at the military barracks of Fort Zeelandia, where 15 political opponents were allegedly executed.

Reports published by various organizations at the time, including by an ICJ affiliate, Lees verder…;

De Krijgsraad schorst het 8 Decemberstrafproces

Gepubliceerd op: 5 juni 2012 in: Suriname | Nog geen reacties

Op 11 mei 2012 heeft de Krijgsraad uitspraak gedaan in het 8 Decemberstrafproces.

De Krijgsraad ziet aanleiding het proces te schorsen om het Openbaar Ministerie (de auditeur-militair) in de gelegenheid te stellen een antwoord te krijgen op de, volgens de Krijgsraad, prealabele constitutionele vraag of het recent aangenomen amendement op de Amnestiewet moet worden aangemerkt als inmenging inzake de opsporing en vervolging in een zaak aanhangig bij de rechter. Artikel 131, derde lid, van de Surinaamse Grondwet verbiedt een dergelijke inmenging.

ICJ’s independent trial observer, Jeff Handmaker, heeft het proces gevolgd. Bijgevoegd het rapport waarin hij zijn bevindingen beschrijft, conclusies trekt en aanbevelingen doet.

Rechters van Surinaamse krijgsraad beslissen vandaag in 8-Decemberstrafproces

Gepubliceerd op: 11 mei 2012 in: Suriname | Nog geen reacties

Na de aanname van de gewijzigde Amnestiewet in het Surinaamse Parlement op 5 april jl. heeft het Openbaar Ministerie – de auditeur-militair – tijdens een zitting op 13 april jl. de Krijgsraad verzocht om de vraag of de gewijzigde amnestiewet in overeenstemming is met de Surinaamse Grondwet of internationale verdragen voor te leggen aan het (nog op te richten) Constitutioneel Hof. De advocaat van de hoofdverdachte in het proces over de Decembermoorden, huidig president Desi Bouterse, heeft tijdens die zitting de Krijgsraad gevraagd om het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren.

Vandaag zet de Krijgsraad

Lees verder…;

RR richt contactgroep Suriname op

Gepubliceerd op: 1 oktober 2011 in: Suriname | Nog geen reacties

Een aantal rechters en secretarissen van rechtbanken Utrecht en Den Haag heeft binnen de kaders van RR een contactgroep Suriname opgericht. Een aantal van deze rechters komt met enige regelmaat in Suriname om inhoudelijke ondersteuning en begeleiding te bieden aan met name Surinaamse rechters in opleiding. Eerste doelstelling van de contactgroep was om alle rechters in Suriname te informeren over doelstelling en activiteiten van de stichting Rechters voor Rechters. Die doelstelling is inmiddels behaald! De contactgroep onderzoekt thans op welke wijze het invulling kan geven aan gevoelens van solidariteit met collega’s in Suriname, die met weinig middelen heel veel moeten presteren…